Omgaan met emoties: ik ben bang

Angst is een alarm, geen bewijs

“Maar ik wéét dat het overdreven is,” zegt ze. “Iedereen zegt dat er niets aan de hand is. Toch krijg ik mezelf niet zover.”

Ze zit tegenover mij met haar jas nog aan. Haar handen zijn diep in haar mouwen verdwenen. Straks moet ze naar een eerste afspraak op een nieuwe werkplek. Ze weet waar ze moet zijn, heeft de route vooraf bekeken en kent zelfs de naam van de persoon die haar zal ontvangen. Toch voelt haar lichaam alsof ze op het punt staat een brandend gebouw binnen te lopen.

“Wat gebeurt er als je eraan denkt om te vertrekken?” vraag ik.

“Mijn hart begint sneller te kloppen. Mijn buik trekt samen. En dan denk ik: ik kan dit niet. Ik moet afzeggen.”

“En als je niet meteen hoeft te beslissen of je gaat of afzegt?”

Ze kijkt me niet begrijpend aan.

“Hoe bedoel je? Wat moet ik dan doen?”

“Je kan een tussenstap toevoegen: eerst je lichaam helpen begrijpen dat je hier bent. In deze kamer. Op deze stoel. Met je voeten op de grond.”

Wanneer je lichaam eerder reageert dan je gedachten

Dit soort momenten kom ik vaak tegen in mijn neurodivergente praktijk. Angst verschijnt niet altijd als een duidelijke gedachte. Soms is ze er eerst als onrust, misselijkheid, weerstand, uitstelgedrag, irritatie of een bijna onweerstaanbare drang om weg te gaan.

Je verstand kan ondertussen perfect begrijpen dat er geen onmiddellijk gevaar is. Maar je lichaam laat zich niet zomaar geruststellen door de woorden: “Je hoeft toch niet bang te zijn?”

Voor veel neurodivergente mensen bevatten nieuwe of onduidelijke situaties bovendien werkelijk veel onzekerheden. Waar moet ik zijn? Wat wordt er van mij verwacht? Hoe zal iemand reageren? Wat als ik de vraag verkeerd begrijp? Kan ik weg als het te veel wordt?

Ook eerdere ervaringen kunnen meespelen. Wie vaak verkeerd begrepen, afgewezen, overspoeld of onverwacht gecorrigeerd werd, kan een alarmsysteem ontwikkelen dat bijzonder snel reageert. Dat systeem probeert niet lastig te doen. Het probeert je te beschermen.

Angst is informatie, maar geen bewijs

Ik zie angst daarom niet als een vijand die zo snel mogelijk moet verdwijnen. Angst kan waardevolle informatie bevatten. Misschien heb je meer voorbereiding nodig. Misschien gaat iemand over je grens. Misschien is de omgeving te druk, de opdracht te onduidelijk of het tempo te hoog.

Maar angst is geen onfeilbare raadgever.

Soms waarschuwt het alarm voor een reëel probleem. Soms reageert het op iets wat vroeger gevaarlijk of pijnlijk was. En soms staat het door langdurige stress, overbelasting of onzekerheid tijdelijk veel te gevoelig afgesteld.

Daarom vind ik de zin “Angst is een alarm, geen bewijs” zo helpend.

Je hoeft je angst niet weg te duwen. Je hoeft haar ook niet onmiddellijk te geloven. Je mag eerst luisteren en daarna onderzoeken.

Eerst landen, daarna nadenken

Wanneer je erg angstig bent, is het vaak moeilijk om helder te denken. Toch proberen we op zo’n moment geregeld meteen het hele probleem op te lossen:

Moet ik gaan of afzeggen? Wat als het mislukt? Hoe leg ik dit uit? Wat zullen ze van mij denken?

Daardoor krijgt het brein nog meer vragen te verwerken, terwijl het al in alarmstand staat.

Ik begin daarom liever kleiner.

Waar ben je nu? Wat zie je? Wat voel je onder je voeten? Kun je iets langer uitademen zonder van je ademhaling een nieuwe opdracht te maken?

Pas wanneer er een klein beetje ruimte ontstaat, onderzoeken we verder:

  • Waar ben ik precies bang voor?

  • Wat voorspelt mijn angst?

  • Weet ik zeker dat dit zal gebeuren?

  • Heb ik rust, informatie, tijd, steun of keuzevrijheid nodig?

  • Welke ene kleine stap kan de situatie iets draaglijker maken?

Die kleine stap hoeft het probleem niet volledig op te lossen. Misschien stuur je een bericht om extra uitleg te vragen. Misschien spreek je af dat iemand met je meegaat. Misschien bereid je één zin voor waarmee je een grens kunt aangeven:

“Dit gaat te snel voor mij. Ik heb even tijd nodig.”

Of:

“Ik voel veel spanning. Kun je me vertellen wat er precies zal gebeuren?”

Dat is geen toegeven aan angst. Het is jezelf voldoende veiligheid en duidelijkheid geven om een volgende stap te kunnen zetten.

Je hoeft niet te wachten tot de angst weg is

Aan het einde van ons gesprek heeft mijn cliënt nog steeds spanning in haar buik. Het doel was dan ook niet om alle angst te laten verdwijnen.

Ze trekt haar handen uit haar mouwen en zet haar voeten steviger op de grond.

“Ik denk dat ik wel wil proberen te gaan,” zegt ze. “Maar ik wil eerder vertrekken, zodat ik niet ook nog bang hoef te zijn dat ik te laat kom.”

Dat is haar kleine stap. Niet spectaculair. Wel passend en haalbaar.

Om zulke momenten hanteerbaarder te maken, ontwikkelde ik het werkblad ‘Als ik me angstig voel’. Het helpt je om eerst tot rust te komen, je angst te benoemen, te onderzoeken wat je nodig hebt en één kleine volgende stap te kiezen. Bekijk eerst even onderstaande infographic en download dan het werkblad dat erbij hoort om zelf aan de slag te gaan met iets waar je bang voor bent. Je hoeft het niet perfect in te vullen. Je hoeft zelfs niet alle vragen te beantwoorden. Begin gewoon bij de plaats die op dat moment haalbaar voelt.

Je mag vertragen. Klein is ook vooruit.

Heb jij (of iemand in je omgeving)  hier ook wel eens last van en wil je er graag mee aan de slag?  Hier vind je een gratis werkblad in Word. dat je kan gebruiken wanneer jijzelf angstig bent. Voel je vrij om het ook door te geven aan iemand anders die er iets aan heeft. 

Werkblad Als Ik Me Angstig Voel Png

Afbeelding – 2,0 MB 1 download

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.